inloggen

NOORDZEE

Steeds weer werd je zee tot land
en land tot zee,
daar tussen Jutland, Dover en de Doggersbank,
maar bij velen leeft het opportunistische idee,
je kunt nog miljoenen jaren mee;
zelfs denkt men nog vele duizend malen.

In veertig miljoen jaren,
vanaf het Eoceen tot Holoceen
botsten rivieren op je woeste baren,
waterstromen vol met zand en steen
en werd je kustlijn langzaam zichtbaar
duinen gingen in het zonlicht blinken.

IJstijd, neerslag viel in sneeuw
de gletsjers groeien jaar na jaar en eeuw na eeuw
koude sloeg het land in de ijzig wachten,
dwong Neanderthalers te paren in warme nachten
om in rotsholen leven te baren
op de warmte van mammoetharen.

IJs en gletsjers voerden zand en stenen mee,
buit vanuit verre, koude streken belandde hier in zee
en schramde en bekraste de huid der Lage Landen,
dooiwater maakte er rafelige randen,
en stroomde als gletsjermelk uit de wonden
vlechtende stromen weten niet waarheen.

Nu denkt men: “Ik heb de Noordzee in mijn macht”,
en hoort dan niet de storm met bulderend gelach,
ook al lijkt het mens geschapene nog zo stabiel
de kust wijkt centimeter na centimeter, heel subtiel,
eilanden ontstaan, groeien en vergaan,
op de flaptekst van de aarde nog geen laatste verhaal.


Peter Hendrik febr 2013j

Achtergrond informatie

onstaan Nederlands landschap ijstijden

Vergelijkbare gedichten