inloggen

Een reis om de wereld

De wereld rond, altijd wil ik reizen,
Nieuwe culturen zien, tot mijn haren vergrijzen
Lopend trek ik rond, tot aan de horizon,
Terwijl ik loop, denkende over alles wat gebeuren kon.

Bergen worden dalen, vlaktes worden zee,
Lachende vertrek ik, wie gaat er met me mee?
Nasi verandert in taco’s, sushi wordt een ree,
Van kwijnend in de woestijn, tot bibberend in de snee.

Van het rijke westen, naar Afrika zo berooid,
Tot in Zuid-Amerika, waar de zwerver bij je schooit.
Naar huis verlang ik niet, vervelen bestaat niet.
Op naar Angkor Watt, waar je de wereldwonderen ziet.

Als farao loop ik, door piramide tot sfinx,
Als de tomtom zegt, bij de Nijl ga links
Richting de Sahara, lekker in het wol,
Door naar de Grand Canyon, wat heb ik toch een lol.

Maar eens richting Rusland, fijn in het café,
Zwemmende naar IJsland, de boot is zo cliché.
Uit de vulkaan komt een aswolk, terugvliegen is een nee.
Lopend door naar Engeland, voor een kopje thee.

Fietsende naar India, tot in de Taj Mahal,
Zwevende naar Peru, mooi is Machu Picchu, die ik daar zien zal
Van de Inca-trail naar Tibet, het laatste zuivere land,
Maar als die mensen zwaaien, maakt China ze van kant.

Maar aan iedere reis komt een slot,
Een ook voor mij komt die aan bod,
Dus slaap ik de rest van het jaar in de Borubudur,
En zet mijn koffer neer, op de vloer.

Vergelijkbare gedichten